Oogappeltjes... Amper een uur geleden wilde ik ze nog permanent wegwerken achter een dikke laag stucwerk, maar inmiddels smelt ik als sneeuw voor de zon...

Gastblog: Oogappeltjes


Gastblog Bruun – Oogappeltjes

BruunBruun woont onder de rook van Rotterdam, is vader van twee goed gelukte dochters van vijf en zeven jaar en schrijft voor zijn beroep grote hoeveelheden enen en nullen. In zijn vrije tijd daarentegen schrijft hij liever columns, gedichten en korte verhalen. Zijn hersenspinsels bieden vaak ruimte aan een lach en soms aan een traan, maar zijn altijd met veel plezier en passie geschreven. Hij hoopt eind dit jaar zijn eerste verhalenbundel uit te kunnen brengen en uiteindelijk ooit de enen en nullen voorgoed vaarwel te kunnen zeggen.

Wil je meer van Bruun lezen kijk dan op www.bruniversum.nl!


Kijk ze daar nou toch zitten, mijn oogappeltjes.
Amper een uur geleden wilde ik ze nog permanent wegwerken achter een dikke laag stucwerk, maar inmiddels smelt ik als sneeuw voor de zon bij de aanblik van hun genietende gezichtjes.

Binnentredende stralen zonlicht doen hun goudblonde haartjes wonderschoon oplichten. In hun knuistjes prijken twee kleurige plastic schaaltjes, elk gevuld met een handjevol Chipito’s. Gelukzalig staren ze naar de televisie terwijl ze de kaasknabbels een voor een soldaat maken.
In een tijdsbestek waarin ikzelf met gemak twee zakken zou leegeten, genieten zij intens van hun schaarse lekkernijen. Onderwijl ademen ze onschuld en puur geluk, vrij als ze zijn van het benul van een wereld die in brand staat en gespeend van een dagelijks besef van de naderende dood.
Het is een ontroerend tafereel waar ik urenlang naar zou kunnen kijken.

Ik realiseer me dat er ooit een moment zal komen waarop hun onschuld plaatsmaakt voor opstandigheid. Mijn rol van stoere, beschermende papa zal onvermijdelijk ingeruild worden voor die van een verstoteling met wie ze niet in het openbaar gezien willen worden en hun fluweelzachte kusjes zullen op den duur niet langer mijn gezicht beroeren. Jarenlang zal ik me in mijn eigen voortuin een weg moeten banen door een gelegenheidsparkeerplaats vol fietsen en scooters en geregeld zal ik met gepaste tegenzin worden voorgesteld aan alwéér een oversekste puber met een gezicht als een maanlandschap, die erop uit is om een van mijn dochters te bezoedelen.
Het is eufemistisch gezegd een verontrustend vooruitzicht.

Met gemengde gevoelens pink ik twee traantjes weg; één van geluk en één van verdriet.
Ik slaak een diepe zucht die wordt opgemerkt door mijn oudste dochter.
‘Wat is er papa?’ vraagt het empathische engeltje.
‘Niks hoor,’ probeer ik haar met licht bevende stem gerust te stellen. Ze beschouwt de kwestie als afgedaan en laat zich weer in de beeldbuis zuigen.

Zodra de kaasknabbels allemaal verorberd zijn, ontdoen de meisjes hun schaaltjes minutieus van overgebleven kruimels en likken ze dankbaar hun geel geworden vingertjes af. Tijd om boodschappen te gaan doen, besluit ik hardop.
Behang2

Tot drie keer toe sommeer ik mijn kroost de televisie uit te zetten; schijnbaar in vloeiend Chinees want de boodschap komt niet over.
Met een ferme druk op de rode knop van de afstandsbediening ruk ik ze geïrriteerd uit hun Nickelodeon-extase.
Je zou ze toch achter het behang plakken…

Volgens mij is het de kern van alle therapievormen: je moet krabben waar het jeukt! In plaats van voortdurend een irriterend, bijtend gevoel.

Krabben waar het jeukt

Volgens mij is het de kern van alle therapievormen en daarom zijn veel mensen al gewend aan mijn eigen ‘huis-tuin en keuken psychologie’ uitspraak: je moet krabben waar het jeukt!

Wat nou jeuk!

Het lijkt wel een maatschappelijk dingetje dat het leven bestaat uit het je-in-bochten-wringen om alles wat moet, goed te doen en daarbij ook nog alles op de rit willen houden. Huishouden, werken, clubje hier en clubje daar voor de kinderen en voor jezelf, sporten, vrienden en partner tevreden houden. Het is niet te doen! Laat staan af en toe iets leuks doen voor jezelf… Een continue gevoel van geleefd worden, nergens aan toe komen en geen tijd voor ontspanning. Je merkt het al, ik ben een ervaringsdeskundige. Vol bewondering kijkend naar mensen die altijd boordevol energie van alles aanpakken met bij voorkeur vier kinderen, overmatig veel hobby’s, werk en studie allemaal tegelijkertijd. Nou geloof me: het gras is bij de buren altijd groener. In werkelijkheid zal het in de lengte of in de breedte daar ook ergens een keer ploffen.

Het kan ALTIJD anders!

Het probleem is, dat het niet het vlooien van apen betreft. Het ligt een pietsie complexer. Soms moet je er een confrontatie voor aan gaan, iemand kwetsen of jezelf door een moeilijke kwestie heen loodsen. Oftewel krabben waar het ook heel pijnlijk kan zijn! Daarbij lijkt het wel of we blindelings het pad van ‘moeten en dwang’ bewandelen zonder ook maar een moment te bedenken of er misschien ook andere wegen zijn.

Dus toch maar die vergadering of juist dat feest afzeggen omdat je druk bent? Of een keert een blik soep in plaats van koken? Misschien wat minder zorgen voor een ander en zelf wat hulp vragen? Wat vaker nee zeggen? Wat minder moetjes en veel meer leuke dingen! Prioriteren, delegeren en loslaten, zouden vaste agendapunten moeten zijn in je dagelijkse ritueel.

 Krabben waar het jeukt, is de beste therapie!

Mijn oma zei altijd: ‘heb ik hem neergezet om te zingen en nu gaat hij me bijten!’ Als hij niet zingt, dan kun je beter krabben en de jeuk laten verdwijnen in plaats van voortdurend een irriterend, bijtend gevoel. Je hoef het niet alleen te doen. Er is niets leukers dan samen krabben! Waarom moeilijk doen als het (uiteindelijk) ook makkelijk kan? Krabben waar het jeukt is goed voor jezelf zorgen!

Mijn eend

Ik kwam een eend tegen. Nou en! Kan je zeggen. Maar het was een dooie, uitgesmeerd over de straat. Je kan best denken dat ik een watje ben, een puddinkje, maar ik was er even door van de leg.
Ik ben verre van een vogelaar, alleen hoe vaak kom je nou zo’n grote, inmiddels platte eend tegen midden op je pad.

Tja, wat is nou het verschil tussen een dooie eend en een dooie uitgesmeerde kikker. Of een halve mier om het beeld nog duidelijker neer te zetten. Daar heb ik dan weer veel minder moeite mee.

Even door gedacht en weer ver weg van mijn dode eend, denk ik aan een verhaal van iemand die een werkbezoek had gebracht aan Afrika. Daar zou het zomaar een mens kunnen zijn… De mensen rijden daar, net als ik nu, gewoon door. Met of zonder van de leg zijn, ik weet het niet.
Ik zou ik me toch niet heel erg druk moeten maken om die eend, het is tenslotte maar een eend. Stel je voor dat mijn dode eend een mens zou zijn, dat is pas erg. Toch?

Ik wil natuurlijk geen eenden liefhebbers voor de schenen schoppen, maar kinderen sterven van de honger. In oorlogen worden er mensen bij bosjes neergemaaid. Als ik de televisie aan zet of de krant lees, barst het van de rampen en ellende waar dan ook op de wereld. Eigenlijk belachelijk om, hoe dan ook, iets te vinden van een eend. Zelfs een off-day, mijn verdrietjes, dipjes en kleine zorgen zijn belachelijk.

Heel fijn om te relativeren, al die narigheid.

Maar toch die eend…

Mag ik me dan nooit klote voelen? Nooit eens lekker van me af brullen en enorme medelijden met mezelf hebben? Volgens mij zou ik uit elkaar barsten als dat niet meer kon. Volgens mij is het heel belangrijk om je eigen gevoel heel serieus te nemen. Er even bij stil te staan, er naar te handelen en je te laten helpen en te laten troosten als dat nodig is. Of het nu om een dode eend gaat of iets anders. Je gevoel is écht!

Niemand heeft er iets aan als je rond dobbert in je ellende en uiteindelijk ploft van opgekropte narigheid.

Ook mijn eend niet…

Wat kunnen wij van jou leren?

Gastblog: Vier het leven


Gastblog Esther Mikkers – Vier het leven

Esther

Esther Mikkers: Ze is moeder, dochter, leerkracht, vrouw, vriendin en bovenal een gewoon mens. Ze heeft ‘Mijn moeders dochter’ geschreven, een autobiografisch boekje, dat bij Boekscout is uitgegeven.
Schrijven is een passie, die ze nog niet zo lang geleden heeft ontdekt. Verwacht geen hoogdravend inhoudelijke stukken. Daar zijn anderen volgens haar veel beter in. Ze houdt vooral van het beschrijven van het alledaagse. Met een beetje humor als het kan.

Wil je meer van haar lezen? Kijk dan hier.


Je voelt je geweldig.
Je bent je jeugd goed doorgekomen, je hebt je volwassen leven invulling gegeven, je werkt en je sport en je kijkt uit naar je leven als gezonde oudere, waar je niet meer zo hard hoeft te werken en kunt genieten van waar je zo hard voor hebt gewerkt.
Dan gebeurt er iets wonderlijks. Zonder dat je het heb zien aankomen, blijk je opeens ziek te zijn. Niet zomaar een griepje, maar kanker.
Je bent opeens van zelfstandig persoon, die de meeste zaken onder controle had, verworden tot een patiënt. Een patiënt die bovendien niet meer beter wordt.
Je krijgt nog een paar maanden.
Vliegensvlug bespreek je wat je opties zijn. Geen medische molen en dan nog zoveel mogelijk leuke dingen doen of chemo’s (met bijbehorende nadelen) en langer de tijd krijgen om leuke dingen te doen.

Je kiest voor het laatste, want je wilt zo lang mogelijk deel uitmaken van je fijne gezin.
In de eerste instantie lijkt zo’n chemo mee te vallen. Wat vermoeider dan anders, dat is alles. Maar al snel wordt die vermoeidheid een obstakel in het doen van leuke dingen.
Na een poosje heb je alleen nog een paar uurtjes tot je beschikking en daarna lig je de hele verdere dag op de bank of in bed.
Je lijf takelt in rap tempo af en je moet af en toe zelfs in een rolstoel worden gereden, want een stuk lopen zit er niet meer in.
Je klaagt niet veel, want dat helpt toch niet.

Je gaat zo hard achteruit dat je het leven niet meer langer wilt rekken.
Het gaat niet meer beter worden en veel slechter kan het niet meer worden.
Je bent altijd een optimistisch en opgeruimd mens geweest en je neemt een besluit. Het is genoeg geweest.
Je plant een vertrekdatum.
Vertrek met onbekende bestemming.
Tot die datum hou je je dierbaren dichtbij en geniet je van wat je nooit kwijt raakte. Humor, liefde en openheid.

Wat kunnen wij van jou leren?Wat kunnen wij van jou leren?
Vier het leven zoveel je kunt,
heb onvoorwaardelijk lief,
tel je zegeningen en lach om jezelf!

Vluchtelingen: Wat zou het enorm helpen als we elkaar alleen maar proberen te begrijpen. Van elkaar leren en elkaar durven vertrouwen.

Wereld vluchtelingen dag

WVD20 juni 216: Op Wereld vluchtelingen dag, kan ik het niet laten om er wat over te schrijven. Wereldwijd zijn er meer vluchtelingen dan ooit, binnen en buiten de landsgrenzen. 1 op de 113 personen was in 2015 op de vlucht.
Ongeveer de helft van de vluchtelingen is kind die vaak hun ouders kwijt zijn of alleen reizen.  Oorzaak van het toenemende aantal: de langdurige conflicten, nieuwe brandhaarden en de moeite van landen met het vinden van een oplossing voor het hoge aantal vluchtelingen.
Bron: UNHCR

Vluchtelingen uit Irak, Iran, Afghanistan, Congo, Kameroen, Syrië, Azerbeidzjan, Rusland, Turkije, Kosovo, Bosnië, Servië, India, Colombia, Kroatië

Zoals sommigen wel weten, kom ik op mijn werk al enkele jaren veelvuldig in contact met vluchtelingen. In het begin ging het nog om een stageplek en ik greep alles aan om maar te kunnen werken. Heb je affiniteit met het werken met vluchtelingen? Ja natuurlijk!
Ik wist werkelijk niet waar ik ‘ja’ tegen zei. Ik had eigenlijk alleen maar de behandeling aan mensen uit een ander land voor ogen. Niet de horror van oorlog, de verwoeste levens en de dood en het verderf.

Wat kon ik in hemelsnaam betekenen voor de mensen die zo verschrikkelijk beschadigd waren door onbeschrijfelijke ellende en verlies, uit welk land ter wereld dan ook.
Het bleek dat er zijn, laten vertellen en luisteren en hele mooie eerste stap was in de behandeling en soms ook voldoende.
Uiteindelijk zijn dit juist de mensen die me zoveel vertrouwen en voldoening geven. Enorme gastvrijheid en bereidheid tot wederkerigheid. Alsof ik soms zomaar opgenomen kan worden in de familie. Vertrouwen en nederigheid die soms zelfs was ongemakkelijk voelt.
Nederigheid is niet iets vies. Ik bedoel het zoals ik gisteren hoorde bij ‘3 op reis’:
In het themapark Huis ten Bosch in Sasebi-Japan werd de Domtoren in Utrecht 5 cm lager nagebouwd om Nederland hierin niet te beledigen.

Het contact met mensen uit andere culturen vind ik fascinerend. Het heeft mijn blik verruimd. Als mensen mij hun verhaal toevertrouwen worden ze steeds mooier.
In het ergste geval ben je voor de Nederlandse, ofwel Westerse patiënt een middel om weer beter te worden en kan er na succes soms nog niet eens een dankjewel af. Het contact is vaak wat killer en minder wederkerig. Uiteraard een enkeling uitgezonderd.

Vluchtelingen, wat kunnen we er van leren?

Ik ben geen cultureel expert of iets dergelijks en mijn mening is vast gekleurd door mijn veelvuldige kijk in het verwoeste leven van een vluchteling.
Ook heb ik geen oplossing voor de enorme toestroom van vluchtelingen. Alleen denk ik dat het enorm kan helpen als we elkaar alleen maar proberen te begrijpen.|
Van elkaar leren, leren over hoe te vertrouwen en gastvrij te zijn. Gepast nederig te zijn en denken in de vorm van wederkerigheid in plaats van ikke, ikke, ikke.
Wij kunnen leren van andere culturen.
Wat kunnen andere culturen van ons leren: even denken…

Links:
Wereldvluchtelingendag
Vluchtelingenwerk
UNHCR
Wil je optimaal presteren zal je moeten appelleren aan die beginnersgeest.

Gastblog: Beginnersgeest


Gastblog: Bert Brinkman – Beginnersgeest

Bert BrinkmanVader van drie kinderen, werkzaam als arbeidsomstandigheden adviseur binnen de GGZ. In verschillende rollen actief binnen sporten als het volleybal en het voetbal. Daarnaast is hij werkzaam voor de Stichting Positief Coachen.
Tot slot is hij auteur van het boek “Sport, niet altijd leuk!”, een boek over groepsprocessen binnen sportteams en de aanpak van pesten binnen de sportclubs in het bijzonder. Het boek is uitgegeven bij Boekscout en inmiddels ook verkrijgbaar bij de openbare bibliotheken.

Hier en hier kun je meer van zijn hand lezen.


“Kom je voetballen?”
“Weet niet of ik mag, moet nog huiswerk maken.”
“Dan vraag je toch!”
“Oké, kom zo terug.”

Het duurde even voordat Lars terug was.

“Het mag, maar ik moet vijf uur thuis zijn.”
“Wij gaan tegen de Scheldelaan!”
“Oef, dat zijn klootzakken!”
“Daarom gaan we ook winnen!”

Op het veldje, aan de rand van de wijk, stonden de jongens van de Scheldelaan al klaar. De jassen vormde de goals.

“Twee corners penalty!” riep de langste van de Scheldelaan.
“Hallo! Dat doen we nooit!”
“Dan doen we het nu!”

De sfeer was gezet. Scheldelaan uit, altijd lastig. Zij bepaalde de regels.

“Drie corners, penalty dan?”
“Oké, jullie je zin! Maak niks uit, jullie gaan er aan!”
“In je dromen!”

Dit soort wedstrijdjes speelde ik vroeger vaak, straat tegen straat. Op het veldje langs de Schielaan. Het ging er altijd om wie de sterkte was. Je bepaalde je eigen regels. Het was altijd leuk. Je vergat snel hoe laat het was.

“Je bent laat! Het is allang vijf uur geweest. Heb je papa niet langs voorbij zien komen?”
“Vijf uur geweest? Was het al zo laat?”

Je speelde je eigen idolen. De een was Neeskens, de anderen Cruyff, Krol en Jongbloed. Het was spel, maar wel om het echie. Niets moest, alles kon, als je maar lol had. Je ging op in het spel. Je speelde niet dat je Neeskens was, je was Johan Neeskens. Op de sportvereniging kreeg je een trainer, werden er oefeningen gedaan, werd er een tactiek bepaald, moest je aan allerlei verwachtingen voldoen. Hoewel men nog steeds zei dat het om plezier ging, was winnen toch wel heel belangrijk. Een schaar, zoals Johan dat kon en die op het veldje langs de Scheldelaan vet stoer was, was nu zwaar overdreven. Waar je vroeger de regels bepaalde, zijn er nu anderen die doen. Trainingen zijn soms saai, het is alleen maar herhalen, herhalen, herhalen. Waar je vroeger de tijd soms volledig kon vergeten, zijn er nu trainingen, zijn er wedstrijden waarbij je je om de vijf minuten afvraagt of het nog geen tijd is.
Daar tegenover staan de trainingen, de wedstrijden die leuk zijn, die aantrekkelijk zijn, waar plezier centraal staat en waar de tijd vliegt. Trainingen en wedstrijden waarin je volledig op kan gaan in het spel.
Als je optimaal wil presteren zal je vrij moeten zijn van afleidende gedachtes. Als kind kon je volledig opgaan in het spel, niets of niemand kon je van de wijs brengen. Je deed waar je goed in was, je deed wat je leuk vond. Er was niet zoiets als opgelegde regels, anderen die in jouw spel iets van je wilde. Je ging voetballen omdat jij dat zelf wilde, niet omdat het gepland was. Natuurlijk wilde je winnen, maar bovenal wilde je spelen. De trukendoos stond wagenwijd open en het mocht. Er was niet zoiets als de druk van een ranglijst, het moeten winnen omdat het seizoen anders wel erg moeizaam zou worden. Verliezen was niet leuk, maar het was hanteerbaar. Dan nam je de volgende keer revanche. Dit is wat men beginnersgeest noemt. Wil je optimaal presteren zal je moeten appelleren aan die beginnersgeest. Coachen op beginnersgeest gaat over je richten op de intrinsieke motivatie. Het geeft de vrijheid te laten zien wie je bent, het is het aanwakkeren van de creativiteit.

“Wil je optimaal presteren dan zal je moeten coachen op beleving, op plezier, op spelvreugde,” zei Marco van Basten bij zijn aantreden als bondscoach. Hij liet dit ook als geen ander zien.

Wil je ook een gastblog schrijven? Neem dan contact met me op via het contactformulier.

Wil je op de hoogte blijven? Schrijf je in voor de nieuwsbrief:

'Ik ken mijn hele leven alleen de wereld van de prostitutie...' Bam! Die komt binnen. Ze is een hoertje! Wie kan haar helpen?

In de prostitutie… voor altijd?

Dat een onschuldig ijsje eten met de kinderen mee aan het denken zou zetten over prostitutie,  had ik van te voren niet kunnen bedenken.
Waar ik eerst nog druk bezig ben met iedereen zijn smaakje te laten kiezen en daarna alle klodders ijs op te vangen waar mogelijk, word ik afgeleid door en gesprek naast me op het zonnige terras.
Het is geen zonnig gesprek.
Eerst voelde ik me wat ongemakkelijk om naast de prachtige oosterse dame te gaan zitten. Daar steek ik tenslotte wel heel alledaags bij af. Alleen boeit dit de ijsjes monsters totaal niet. Die willen alleen maar de ‘beste’ plek hebben.
Door mijn zonnebril kijkend kan ik haar prima observeren.
Lang zwart haar omlijsten haar treurige en getekende gezicht. Ik vind het lastig om haar leeftijd in te schatten.
Onder het motto minder is meer, ziet ze er desondanks prachtig uit in een strak wit shirt en een lichte spijkerbroek.
‘Ik wil het niet meer… Ik kan het niet meer’ verzucht ze.
De minder appetijtelijke man die tegenover haar zit legt zijn hand op de hare.
‘Je moet er ook mee stoppen. Ik wil dat je er mee stopt.’
Zijn woorden troosten haar niet. Bijna jammerend gaat ze verder: ‘maar hoe moet het dan met de huur? Ik kan toch nooit werk vinden?’
Wederom bekruipt het ongemakkelijke gevoel me weer. Nu omdat ik ongewild en waarschijnlijk ongewenst, getuige ben van dit nogal privé gesprek.
Wat mijn meiden volledig ontgaat, gelukkig!
‘Ik ken mijn hele leven alleen de wereld van de prostitutie…’
Bam! Die komt binnen. Ze is een hoertje!
Allerlei visioenen dringen zich aan mij op. Wat heeft deze vrouw allemaal al mee moeten maken, dat ze op dit punt is beland? Is de man en klant, haar pooier? Of werkt ze gewoon thuis. Hier in ons dorp? Naïef als ik soms ben denk ik dat prostitutie alleen maar in Amsterdam gebeurd, maar hier zal de concurrentie vast ook moordend zijn.
Hoeveel klanten zou zij op een dag moeten zien? Als ik denk aan de 8 à 10 patiënten die ik gemiddeld op een dag zie,  lopen de rillingen over mijn lijf.
‘Ik heb het al zo vaak geprobeerd, maar het is echt nu of nooit, ik word te oud en ik kan her niet meer, ik walg er van…’
Even klinkt ze vastberaden. Daarom ziet de man zijn kans: ‘kom bij mij wonen! Ik kan voor je zorgen.’
Onopvallend trekt ze haar hand weg. ‘Eerst moet ik alles betalen. De huur en mijn schulden, dan stop ik.’
Leren leven met respect.
Hoe kan deze vrouw in hemelsnaam ooit nog een man vertrouwen. Of genieten van seks. Op zijn minst gun ik haar een leven waarin ze gerespecteerd wordt en zichzelf kan respecteren.
De laatste druppels zijn uit de ijsjes gelekt en als alle toeten weer zijn gepoetst, raap ik mijn gezin weer bij elkaar om het terras te verlaten.
Als ik het tafeltje van de oosterse dame passeer, schuif ik haar een visite kaartje toe en geef haar een knipoog. Zonder verder iets te zeggen loop ik al babbelend met mijn kinderen het terras af.
Uitstapregelingen prostitutie:

Scharlaken koord – Amsterdam/Haarlem
Next Step – Arnhem
Fier – Friesland
SHOP – Den Haag
Stichting de Kern – Deventer, regio IJssel-Vecht
Levenskracht – Eindhoven
Stichting TerwilleTerwille – Groningen
Humanitas Prostitutie Maatschappelijk Werk – Rotterdam
Tussenvoorziening – Utrecht
RUPS – Zeeland en West Brabant

Wil je op de hoogte gehouden worden van mijn schrijfsels? Schrijf je dan in voor nieuwsbrief:

piedro, prada, mode, mode-industrie

Piedro of Prada?

Eerlijkheidshalve moet ik bekennen dat ik een paar jaar geleden nog nooit van Prada had gehoord. Tot de duivel het ging dragen, had het wat mij betreft ook een rivier in Rusland kunnen zijn.

Helaas ben ik gezegend met de erfenis van een stel waardeloze voeten. (Bedankt pap!). Buiten dat vraag ik me af of ik er de zelfopoffering voor over heb om schoenen te dragen die gewoon niet comfortabel zitten. Oké, als kind waren de gehate, rood met witte Piedro’s, ‘omdat het zo goed voor mijn voeten was’, ook niet echt een feestje. Gelukkig is er tegenwoordig een ruime keus aan schoenen die lekker zitten en je niet direct als buitenaards wezen definiëren. Alleen echt hip en vrouwelijk lijkt er bij ‘lekker zitten’, niet bij te horen.

Volgens mij draait de hele mode-industrie op het motto: wie mooi wil zijn, moet pijn lijden. Bloesjes en blazers waar je gevangen in zit, rokjes en jurken waar niet mee te zitten is, laat staan te fietsen, BH’s die nooit lekker mogen zitten. Het kriebelt, irriteert en laat striemen achter en vrij bewegen lijkt ondergeschikt. En de schoenen… Ja die schoenen, die ‘Prada’s’, zijn helemaal een ramp. Het lijkt wel of het er op lopen niet het doel is van de vrouwelijke schoen!

Piedro of Prada? Uitstraling boven comfort verkiezen.

Toch zijn er dagen dat ik verlang naar het meer vrouwelijk tevoorschijn komen. Dan haal ik de deftige schoenen van stal en trek ik kleding aan waarbij ik niet kan wachten tot het weer uit mag. Het lukt me best om hier een paar uurtjes mee te flaneren. Dat is dan natuurlijk geen Prada, want dat wil ik me niet kunnen veroorloven. Zeker niet voor die ene dag in het jaar. Misschien is dat wel de geweldige combinatie van uitstraling en comfort. Daar zal ik dan nooit achter komen. Die prijs wil ik er niet voor betalen.

Het gras lijkt altijd groener, maar er zijn echt vrouwen die altijd alles in de plooi hebben en door een ringetje te halen zijn. Naast kleding  hebben ze een kapsel met elk haartje op zijn plek en make-up als uit een tijdschrift gestapt. Over het algemeen ‘doe’ ik haar en make-up maar één keer per dag. Niet uit principe, maar gewoon omdat ik er alleen op dat moment voor de spiegel aan denk. Soms komt er wel een klein beetje jaloezie op, maar over het algemeen denk ik vol medelijden aan hoe oncomfortabel deze vrouw zich moeten voelen. Gelijk sta ik weer vierkant achter mijn keuze comfortabel te willen leven. Want het is een keuze. Zeker als ik na een paar uurtjes flaneren weer met mijn neus op de knellende feiten wordt gedrukt.
Daarbij telt de reactie van mijn dochter ook zwaar: ‘Meid wat zou je er van vinden als mama er zo uit zou zien?’ Daarbij knik ik op het winkelpleintje naar een dame met een strak lijf met een even strak jurkje, waaronder lange gebruinde benen rondtippelen op zwarte über hoge hakken. Zonder twijfel en pardon zegt ze: ‘Ik zou me dood schamen!’

Ondanks dat, zeg ik tegen de mode-industrie: graag vrouwelijkheid met comfort! Dan zou ik er vaker voor kiezen om te flaneren!

 

Wil je op de hoogte gehouden worden van mijn schrijfsels? Schrijf je dan in voor nieuwsbrief:

Topkwaliteiten, kwaliteiten

Topkwaliteiten

Hoe geweldig zou het zijn als ik dezelfde topkwaliteiten had als een goede zanger of zangeres. Ik kan wel zingen hoor, alleen niet mooi, helaas. Of een top sporter.
Ergens heel erg goed in zijn, beter dan de anderen. Opvallen omdat je een kwaliteit hebt. Het is heel goed te relativeren dat roem hebben en aan de top staan ook niet alles is. Natuurlijk. Herkent worden op straat, geen privé meer hebben, altijd waar moeten maken dat je de beste bent…
Maar dromen we allemaal niet soms over ergens excellent in te kunnen presteren?
Ergens gepassioneerd voor kunnen gaan en dan ook nog het gewenste resultaat bereiken. Het lijkt maar voor weinigen weggelegd.

Dat er een boek op de plank ligt met mijn naam er op, maakt me nog geen schrijver. Tenminste, nergens in de buurt van Paul van Loon, J.K. Rowling of Carry Slee, om er maar een paar te noemen. Toch kan ik daar stiekem wel van dromen. Uiteraard zonder het geloof dat deze droom ooit werkelijkheid zal worden. Simpelweg om de eenvoudige reden dat ik niet zó goed ben.

Als hulpverlener durf ik me na jarenlange ervaring goed te noemen. Maar dan ben ik er weer niet zo één die alle vakliteratuur bijhoudt, tijd heeft voor bijscholing en staat te dringen bij het opgeven voor symposia.

Wat nou topkwaliteiten! Nergens ben ik zó goed in. Ken je dat?

Al vanaf de lagere school ben ik ‘gewoontjes’, gemiddeld, zeg maar, in alles. Geen uitblinker in gym of rekenen. Niet te braaf en beslist ook geen raddraaier. Rete saai dus!

Als ik kijk naar andere mensen, ontdek ik wel allerlei excellente kwaliteiten. Kwaliteiten waarvan ik vind dat ik ook daar niet aan kan tippen. Iedereen met zijn eigen rol in de maatschappij, in een groep of gezin. Bij de buren is het gras altijd groener en het zal ook wel met zoiets als zelfvertrouwen te maken hebben.
Van alles wat ik zie kan ik ook wel het één en ander, maar van alles maar een beetje, of met een beetje meer. Een beetje tekenen, een beetje schrijven, een beetje koken, een beetje zus en een beetje zo.

Daarom heb ik besloten dat mijn kwaliteit is dat ik van alles en beetje kan! Dat ben ik best content mee en daar gaat het toch om? Hoe fijn is het om overal in mee te komen, veel verschillende ‘feel-good’ momentjes te hebben en overal een beetje waardering voor te krijgen. Alles bij elkaar maakt het toch een beetje veel. Ik wed dat er heel veel mensen zijn met dezelfde topkwaliteiten als ik!

Stap maar af van het waanidee dat je geen topper bent. Ontdek je toptalenten, want je hebt ze al!

Ze was vermist, maar gisteren is ze weer thuis gekomen. Het was weer groot nieuws hier in het dorp. Was Sanne een gemakkelijke prooi voor de loverboy?

Krater

Alleen al als ik me voorstel hoe het zou zijn als je zestienjarige dochter ineens op een dag niet meer thuis komt, lopen de rillingen over mijn rug.
Een kind nog. Vermist. Een meid zoals alle anderen op die leeftijd, dwars en eigenwijs en toch af en toe kruipt ze bij je op schoot.

Vermist: Haar overkwam het. Bij haar stortte de wereld in, zomaar, willekeurig. Een bom die een grote krater achterliet.

Met diepe groeven op haar gezicht en donkere randen onder haar ogen staat ze voor mij in de rij bij de kassa van de supermarkt.
Iedereen kent haar. Ze stond in de krant en kwam op tv, smekend om een teken van leven van haar vermiste dochter.
Hoe lang is het nu geleden? Ik weet het niet eens meer precies. Vier maanden? Een half jaar? Zij weet waarschijnlijk tot op de minuut te vertellen wanneer haar dochter verdween. Van de ene op de andere dag waarop je trots bent op je kind en je denkt dat je het goed voor elkaar hebt, naar verscheurt door zorgen, paniek en verdriet.
Moeizaam sjokt ze met het winkelwagentje vooruit. Eén voor een pakt ze met grote inspanning de boodschappen uit op de band. Vanuit haar tenen weet ze er een glimlach uit te persen voor het meisje achter de kassa.
Gisteren is ze weer thuis gekomen. De veertienjarige Sanne. Het was weer groot nieuws en het gonsde hier door het dorp. Ik kijk naar de boodschappen. Zou het voor Sanne zijn? Melk, appels. Ze wil haar natuurlijk volstoppen met allerlei gezonde dingen. Een pleister plakken, de krater weer opvullen.
Was Sanne een gemakkelijke prooi voor de loverboy? Geen idee.  Ik ken haar niet echt.

Vermist: Haar kleine meisje, die ze wilde beschermen voor eigenlijk alle vreselijke dingen die er konden gebeuren. Stoten, vallen, pesten, ziektes, liefdesverdriet.

Had ze ooit kunnen bedenken dat ze haar had moeten beschermen tegen internet. Dat ze vermist zou kunnen raken?
Beschermen tegen iemand die geen greintje gevoel en fatsoen heeft. Die haar dochter meenam, ontvoerde, bedreigde en haar de vreselijkste dingen tegen haar wil liet doen.
Ze was verliefd, Sanne. Op iemand die ze in een chatroom of Facebook had leren kennen. Het naïeve ding, stuurde, in haar onschuld en in vertrouwen, pikante foto’s naar haar zogenaamde vriendje. Daar begon voor Sanne de ellende. Van het één kwam het ander en voor ze het wist had ze seks met vreemde mannen en gebruikte ze drugs om het te kunnen verdragen.

Hoe moet ze zich in hemelsnaam voelen. Haar lieve dochter zo beschadigd. Een te diepe krater die het heeft geslagen in het leven van haar gezin.
Voelt ze zich schuldig? Wat had ze kunnen doen? Wat zou jij doen?
De boodschappen gaan in het zelfde tempo weer terug in het wagentje en langzaam sjokt ze naar haar auto.

Websites:
  • Media Opvoeding– website met antwoorden op vragen over mediaopvoeding.
  • HelpWanted– website voor advies met betrekking tot naaktfoto’s van minderjarigen. Bellen kan ook: 071-5162900.
  • Mijn Kind Online– website met meer informatie over kinderen, seks en internet.
  • Ouders Online– website voor contact met andere ouders en tips over (seksuele) opvoeding.
  • YourSafetynet– software om je kinderen online in de gaten te kunnen houden.
  • Qpido– website Seksespecifiek Expertisecentrum van Spirit

Wil je op de hoogte blijven? Schrijf je in voor de nieuwsbrief: