Maandelijks archief: maart 2017

spotlight effect, team nova

Gastblog: Appels, Wetenschap en Jouw Angsten!


team nova

Ruben en Berend zijn beiden Dating Coach en hebben er hun missie van gemaakt om mannen, die bereid zijn deze vaardigheden te leren, extreem hard te helpen. Hun kwaliteitsvol Dagelijks Dating Advies, dat ze elke dag schrijven voor meer dan honderden mannen, is meer dan een mooi bewijs van deze belofte. Verder zijn ze avonturiers, troublemakers en houden ze ervan om hun ideeën om te zetten in de realiteit. Ook zijn ze gekend als oprichters van “The Brotherhood”wat beter gekend is als “Team Nova”.


Appels, Wetenschap en Jouw Angsten!

Wie had ooit gedacht dat ‘Appels, Wetenschap en Jouw Angsten’ 3 handen op één buik waren? Wandel even met me mee. Je gaat het, op zijn minst, leuk vinden 🙂

Op een dag was er een Appel, hij was aan het chillen vanuit zijn gewoonlijke plaats, de Appelboom. Hij was aan het praten met een paar van zijn Appel-vrienden, aan het lachen met Bananen, toen hij een donkere plek opmerkte, op zijn zijde.

“Oh nee!”

Beschaamd en gestresseerd trachtte hij de plek te verbergen, zodat niemand het zou zien. Wanneer hij met zijn Appel-vrienden praatte richtte hij altijd zijn goede zijde naar hen. Zijn Appel-vrienden hadden door dat hij plots stiller werd, minder te zeggen had, en er minder gelukkig uitzag.

Dit ging zo door voor weken, tot op een dag, Ruben Nova een meisje aan het kussen was onder de Appelboom, en toen hij omhoogkeek, een droevige Appel zag, eenzaam en alleen.

Ruben: “Hey vriend. Wat is er? Je ziet er uit alsof je wat beters kunt doen.”

Appel: “Mmmh, nee man. Ik ben, eumh… goed. Het is niets”.

 Ruben: “Jeeez, verdriet heeft heel jouw Appel-gezichtje geïnfecteerd. Zeg maar wat er is, gooi het in de groep! We zijn genieën, winnen, hebben belachelijk goede DNA en schrijven graag fruit-metaforen.” 

Appel: “OKÉ, goed! Mijn leven was geweldig. Mijn vrienden en ik chillden dagen aan een stuk, we lachten Bananen uit tot op een paar weken terug… Toen ik een donkere plek merkte op mijn vruchtvlees, zie je het?”

(Hij probeert het te laten zien aan Ruben)

Ruben: “Nee, ik zie het niet. Waar precies?”

Appel: “Hier? Kijk goed… kijk vanuit deze hoek, dan is het duidelijker!” 

(Ruben verplaatst zich naar een andere invalshoek)

Ruben: “Oooh, dat klein, donker plekje. Oké, nu zie ik het.”

Appel: “Oké, dus ik heb dat plekje en ik wil gewoon niet dat mijn vrienden het zien. Laat staan de Bananen, ze zouden me voor eeuwig uitlachen. Ik vind het beschamend. En wat als Pink Lady het zou zien?! Oh nee, dat mag nooit gebeuren. Dus de laatste weken ben ik enkel bezig geweest met de plek te verbergen voor iedereen en dat is eigenlijk het enigste wat ik heb gedaan of waar ik aan heb gedacht.

Ik heb het tot nu toe goed kunnen verbergen, maar nu kan ik me niet meer ontspannen, vrij, en gelukkig zijn. Want het enigste waar ik nog aan denk is aan mijn donkere plek.”

*maakt een droevig Appel-gezichtje*

Ruben: “Jij gekke Appel.” 

Appel: “Wat?!”

Ruben: “Ik ga wat wijsheid strooien over jou. Ten eerste omdat ik je graag heb, en ten tweede omdat ik straks een van jouw neven ga opeten want ik heb honger…

Het Spotlight Effect

Luister goed Appel! Er is een ding dat onderzoekers in de psychologie hebben ontdekt wat ze Het Spotlight Effect noemen.

Dit effect zegt dat wij denken dat andere mensen of Appels veruit meer aandacht besteden aan ons dan werkelijk het geval is. De reden hiervoor is dat we bijna altijd aan onszelf denken…

Maar het is voor dezelfde reden dat er niemand werkelijk aandacht besteedt aan ons, omdat ook zij enkel aan zichzelf denken. Dus dat klein donker vlekje dat je daar met moeite hebt laten zien aan mij, zou me nooit opgevallen zijn. Enkel doordat je er iets groots van hebt gemaakt werd het daadwerkelijk iets groots, voor jezelf.

En dat is dus wat jij gedaan hebt, door jouw gedrag te veranderen. Gewoonweg door het trachten te verbergen is de kans groter dat het opvalt omdat je er net iets groots van maakt.

Ik moet gaan in een minuut dus ik ga je snel deze kleine feit doorgeven over de aard van mensen en Appels… en daarna ga ik jouw groen, sappig neefje opeten.”

Appel: “Vertel het me, vertel het me!”

Ruben: “Eén van de grootste cadeaus die je jezelf, en anderen, kunt geven is door simpelweg niets te geven om wat anderen over jou gaan denken, dus maak je er geen zorgen over.

Chinese Wijsheid

Lao Tzu, een Chinese filosoof, zei duizenden jaren geleden tegen een Chinese Appel;

“Care about what other people think and you will always be their prisoner.” 

Zeg wat je voelt, voel wat je wil, doe wat je wil, en wil wat je doe.

Hoe minder je geeft om het oordeel van anderen, hoe minder oordelen je krijgt… het is een paradoxaal levens-ding. Blijf vervolgens doorgaan, groeien, doorgaan en groeien, tot je rijp bent!

Want zelfs al had je een GIGANTISCH donkere plek op jouw sappig vruchtvlees, maar het was duidelijk in jouw acties en gedrag dat je gewoonweg niet gaf over de oordelen van anderen, wat denk je dan dat jouw Appel-vrienden en Banaan-vijanden van je zouden vinden?”

Appel: “Het maakt me niet uit wat ze zouden denken! Ik geef er niets om!”

Ruben: “Dat is de spirit man! The force is sterk aanwezig in jou, jij kleine Appel, maar rustig aan, ik ben nog niet klaar met jou. Er is nog één finaal punt dat ik jou duidelijk wil maken, dus knoop dit in jouw steeltje, oké?

Als jij een GIGANTISCHE, donkere plek had, maar je gaf er duidelijk niets om, dan zouden al jouw vrienden maar ÉÉN ding opvallen…

“Damn, hij geeft er echt niets om. Hij is vrij, hij is positief, hij is onverschillig, hij is rijp voor het leven en een echte vreugde om rond te hangen.”

Geef Anderen Dit Cadeau

Appels houden van andere Appels die niets geven om wat andere Appels over hen zouden denken, of zelfs Bananen. Ze BEWONDEREN je zelfs en willen rond jou hangen omdat ze onbewust weten dat deze ‘Appelstof’ van jou, zich ook op hen zou verspreiden. Geef hun dit cadeau! Wat denk je dan dat Pink Lady hierover zou denken, hé :-).

En ironisch gezien, geldt dit ook exact voor mensen.

Dus mijn kleine Appel vriend, het zorgt er niet enkel voor dat je extreem lekker in jouw vruchtvlees gaat zitten, ook zorgt het er niet enkel voor dat je vrij bent… maar het zorgt er ook voor dat je over een zeldzame, veel gezochte eigenschap bezit die je onbewust aan andere mensen rondom jou kan geven. Ze willen dit, deel het.

Hang ze nog Appel! En zeg maar dag tegen jouw neefje, tijd voor mijn dagelijkse vitamientjes.”

(Ruben wandelt weg. De Appel maakt een diepe zucht van opluchting en gaat terug naar zijn natuurlijke manier van leven – vrij!)

— EINDE VAN DE APPEL-METAFOOR GEBASEERD OP EEN WAARGEBEURD VERHAAL —

vluchtelingen

Fragment uit Manuscript ‘Nadim’

Het is stil.
Ik sta midden in de stad, met hordes mensen om me heen, maar het is stil.
In tegenstelling tot mijn binnenkant. Mijn gedachten flitsen in sneltreinvaart met een hoop lawaai door mijn hoofd. Ik wil achter hem aan rennen, hem tegenhouden maar mijn voeten staan als vastgelijmd aan de grond.
Ik kan hem wel wat aandoen, zou hem uit verrot willen schelden, hem willen slaan. Waarom doet hij dit. We hadden het toch goed samen?
Hoe is het mogelijk dat ik mezelf zo voor de gek heb laten houden. Zijn warmte, zijn liefde, zijn romantiek en zijn kussen..
Was het dan allemaal nep?

Het dringt nog niet goed door wat er is gebeurd. Op de automatische piloot fiets ik naar huis. Helemaal verkleumd en verdwaasd kom ik binnen en plof op de bank.
Er is niemand thuis. Ik voel me verlaten en alleen.
Zelfs Daan thuis had ik nu fijn gevonden. Mijn vingers zijn gevoelloos. Mijn hoofd zit vol en mijn tranen beginnen te stromen. Hoe warmer ik word des te pijnlijker het voelt.vluchtelingen

Tegen vieren komt Daan thuis van zijn handbalwedstrijd. Nog steeds zit ik met mijn jas aan op de bank.
‘Eh, alles goed Juul?’
Hij klinkt zelfs een beetje bezorgd.
Mijn tranen zijn even op, maar ik heb er geen woorden voor om Daan te vertellen wat er is gebeurd. Ik haal alleen maar mijn schouders op. ‘Ben je ziek of zo?’ Weer haal ik mijn schouders op en schud tegelijkertijd nee.
‘Moet ik mama even halen?’ Dan rolt er weer een traan over mijn wang.
‘Ik ga mama wel even halen.’

Kennelijk zijn mijn vader en moeder bij de buren of zo want binnen een paar minuten staan mijn moeder en ook mijn vader op de stoep. Daan heeft vast verteld dat ik ziek ben, want direct voelt mijn moeder aan mijn voorhoofd of ik koorts heb.
Ik heb geen zin om te praten. Al zou ik er over willen praten, ik zou het niet kunnen. Mijn keel wordt dichtgeknepen en er komen geen woorden. Daarom laat ik me maar als een zieke behandelen en binnen de kortste keren lig ik in bed met een dampende kop thee naast me. Mijn moeder vindt het heerlijk om me te kunnen vertroetelen en ik laat het maar over me heen komen. Ik ben al blij dat ze het niet af doet als puberteitdrama.
Laat me maar slapen, dan is morgen alles anders. Ik ben doodop, ik kan niet meer. Als ik slaap dan is het net of het niet gebeurd is.
Morgen weer.

Voor mijn gevoel is het midden in de nacht als ik wakker word van de deurbel. Met één oog probeer ik de cijfers op mijn wekker helder te krijgen. 05.37 Jemig. Welke gek staat er op zondag om deze tijd bij ons op de bel te drukken.
En nog een keer. Aan het gestommel op de trap hoor ik dat mijn vader de trap afloopt.
Ik blijf luisteren. Het zijn vast een paar idioten die dronken uit de stad komen en kinderachtig aan het belletje trekken zijn. Maar als hij de deur open doet hoor ik mijn vader zacht praten.
Wie is dat aan de deur? Wat is er aan de hand.
Nu schuifelt mijn moeder van de trap af. De voordeur gaat dicht en mijn vader en moeder gaan met de vroege deurbeller de kamer in.
Kak, de kamerdeur gaat dicht. Nou hoor ik helemaal niks meer. Snel trek ik een trui over mijn pyjama heen en sluip naar beneden. Op de overloop hoor ik het gesnurk van Daan.
Bij hem kun je een bom afschieten naast zijn bed, dan wordt hij nog niet wakker.

Beneden op de gang hoor ik mijn vader en moeder druk in de weer en zachtjes praten.
Ik hoor nog een andere stem. Een bekende stem, maar ik kan het nog niet thuisbrengen. Het lijkt wel of er wordt gehuild.
Dan hoor ik de stem snikkend zeggen: ‘Ik heb er zo spijt van.’
Nou ja zeg! Dat is Nadim! Wat een watje zeg. Een beetje mooi praten bij mijn ouders!
Ik sta al met de deurklink in mijn handen om te protesteren als ik hem verder hoor praten. ‘Ik weet niet meer wat ik moet doen, ik kan niet meer, ik kan zo niet meer.’
Het klinkt zo hartverscheurend dat al mijn boosheid en eerdere verdriet omslaat.
Wat is er toch? Ik moet naar hem toe.
Onder een paar dekens zit een bibberende Nadim. Een eenzame traan loopt over zijn wangen.
Hij ziet er niet uit. Mijn stoere knappe vriend, zit daar in elkaar gedoken op onze bank, niet stoer te zijn, maar intens verdrietig.
Fragment uit Manuscript ‘Nadim’